Gezondheid en welzijn

Een goede fysieke en mentale gezondheid is een belangrijke basis voor alle Utrechters. Als je ziek bent of niet lekker in je vel zit, of iemand uit je naaste omgeving, dan is al het andere in één klap onbelangrijk. Dan wil je goede zorg en goede voorzieningen ongeacht je inkomen of postcode. Corona heeft ook voor veel Utrechters indringend duidelijk gemaakt wat het betekent om -vaak heel plotseling – ernstig ziek te worden. 

Helaas is een goede gezondheid niet overal in Utrecht vanzelfsprekend. Overvechters leven gemiddeld 5 jaar korter dan inwoners van de naastgelegen wijk Tuindorp. Het verschil in gezonde levensjaren is zelfs 12 jaar. Dat is onacceptabel en dat gaan we veranderen! Gezondheidsverschillen hangen vaak samen met inkomen en opleidingsniveau: wie meer verdient, leeft langer. Kinderen die in armoede opgroeien hebben vaker een ongezonde levensstijl, waar ze hun hele leven last van kunnen houden. Daarnaast is de toegang tot zorg en ondersteuning ook ongelijk verdeeld. De coronacrisis heeft deze kloof alleen maar vergroot. Deze ongelijkheid pakken we aan. Het moet echt anders, eerlijker, en wij weten dat dat kan. 

Het begint bij preventie

We zetten grootschalig in op preventie en op het bestrijden van de grote gezondheidsverschillen. Om ongelijkheid te bestrijden moeten we ongelijk investeren. Problemen voorkomen voordat ze überhaupt kunnen ontstaan is ons doel. We versterken de sociale basis in onze stad. We realiseren ons daarbij dat niet iedereen zelfredzaam is. Wie toch in de problemen komt, moet snel en goed geholpen worden.

Dit gaan we doen:

  • We bestrijden de onacceptabele gezondheidsverschillen tussen arm en rijk en tussen theoretisch- en praktisch opgeleid. Dat doen we met een buurtgerichte aanpak. Gezondheid van kinderen krijgt hierbij extra aandacht. Zo gaan we door met de JOGG-aanpak om overgewicht onder kinderen tegen te gaan en willen we nog meer ouders en kinderen bereiken.
  • Om te voorkomen dat vragen problemen worden zetten we in op de versterking van de sociale basis in onze stad. De sociale basis bestaat uit alles wat bij gewoon opgroeien en leven in de stad hoort: de school, de wijk, het buurthuis, de jongerenwerker, de sociaal makelaar, een vrijwilliger, burenhulp, het consultatiebureau.
  • Vrijwillige inzet, preventie, vroegsignalering en laagdrempelige ondersteuning voorkomt het verergeren van problemen in de toekomst. Daarvoor is tijdelijk een extra financiële impuls nodig, zodat geld uiteindelijk van de aanvullende zorg naar de sociale basis of basiszorg van de buurtteams kan.
  • De gemeente gaat samen met partners in de stad meer inzetten op gecombineerde leefstijlinterventies. De focus ligt hierbij op kinderen en volwassenen met een grote kans op overgewicht. Een gecombineerde leefstijlinterventie is een tweejarige interventie gericht op afvallen en gedragsverandering.
  • We stimuleren gezonde voeding, in het bijzonder bij kinderen en jongeren. In horeca en sportkantines moeten betaalbare gezonde keuzes aangeboden worden. We willen dat alle scholen gezond ontbijt en gezonde lunches voor kinderen gaan aanbieden, bijvoorbeeld via Lunchmaatjes.
  • We zetten in op het bespreekbaar maken en (vroeg) herkennen van psychische problemen en stress. Er moet een preventieve aanpak komen tegen mentale klachten, zoals depressies. Daarbij werken we samen met onder andere zorgverleners, welzijnswerkers, (sport)verenigingen en het onderwijs.
  • Eigen bijdragen mogen nooit tot het mijden van zorg leiden. Er komt een structurele compensatieregeling voor mensen met hoge zorgkosten die dit nodig hebben. De bijzondere bijstand alleen is niet voldoende.
  • We starten een offensief ‘sport en bewegen’. Buitenruimte in Utrecht maken we aantrekkelijker om erin te bewegen. Zie ook het hoofdstuk over sport.
  • Rookvrije speelplaatsen, schoolpleinen, sportparken en andere ontmoetingsplekken worden de norm. In Utrecht zetten we ons in voor een rookvrije generatie.

Laagdrempelige en vrij toegankelijke hulp

Veel problemen, van armoede en eenzaamheid tot huiselijk geweld, spelen achter de voordeur. Om die aan te pakken is samenwerking van belang, tussen zorg- en welzijnsmedewerkers, buurtteams, sleutelfiguren in wijken en actieve buurtbewoners. In een groeiende stad zijn vaste gezichten en aanspreekpunten in iedere wijk van belang. Hulp, begeleiding en zorg moeten voor alle Utrechters beschikbaar zijn, zonder drempels en zonder wachttijd.

Dit gaan we doen:

  • Buurtteams bieden laagdrempelig hulp aan iedereen die dit wil en nodig heeft. Om te zorgen dat niemand met ingewikkelde zorgvragen tussen wal en schip valt, werken buurtteams nauw samen met zowel de lichtere vormen van ondersteuning als de specialistische, geïndiceerde zorg.
  • Wachtlijsten bij met name het buurtteam jeugd & gezin pakken we aan. Als het nodig is om de wachtlijsten weg te werken en de kwaliteit van de buurtteams te versterken, vergroten we de capaciteit van de buurtteams. Inzet op vroegsignalering, vroege ondersteuning en preventie is van groot belang.
  • We willen dat het aantal buurtconciërges wordt uitgebreid en we onderzoeken of we met buurtassistenten kunnen gaan werken die aan huis gesprekken aanknopen met buurtgenoten.
  • We bestrijden de eenzaamheid in onze stad. Speciale aandacht hebben we daarbij voor ouderen, jongeren, LHBTI+ personen en mensen met een migratieachtergrond. We betrekken daarbij niet alleen welzijnsorganisaties, zorgverleners en vrijwilligers, maar ook partners in de stad zoals sport- en cultuurverenigingen, supermarkten, kappers en andere ondernemers.
  • Natuurlijk is het waardevol als familie, vrienden en buren een handje kunnen toesteken als het nodig is. Mantelzorgers verdienen dan ook ondersteuning. Maar deze vorm van informele zorg is lang niet voor iedereen een optie. Professionele hulp moet voor alle Utrechters beschikbaar en bereikbaar zijn.

Steun voor werkers in de zorg

De coronacrisis heeft ons (opnieuw) laten zien hoe belangrijk de werkers in de zorg zijn. Ook in Utrecht verdienen ze meer waardering en ondersteuning.

Dit gaan we doen:

  • Het personeelstekort in de zorg vraagt een centrale aanpak. Utrecht moet een aantrekkelijke stad zijn om als zorgprofessional, (jeugd)hulpverlener, welzijnswerker, jongerenwerker of sociaal makelaar in te werken: zoals betaalbare woningen, gratis parkeerplekken, gratis OV of (elektrische) fietsen.
  • Veel problemen – van armoede en eenzaamheid tot huiselijk geweld – spelen achter de voordeur. De gemeente investeert in het op peil houden van de capaciteit en deskundigheid van alle organisaties die hulp- of dienstverlening bieden, zodat ze proactief kunnen werken, goed geschoold zijn en kunnen doen wat nodig is.
  • Zorgprofessionals hebben een belangrijke signalerende taak waar zij alleen aan toe komen als ze de tijd krijgen om hun werk te doen. De werkdruk moet beheersbaar zijn. Onnodige regels en bureaucratie in de zorg willen we tegengaan. We willen dat professionals meer kunnen werken op basis van vertrouwen bij het indelen van hun werktijd. De gemeente stuurt hierop waar mogelijk.
  • Bij het verstrekken van opdrachten waarborgen we de positie van werknemers. Er mag niet bespaard worden op goede werkomstandigheden en arbeidsvoorwaarden voor zorgprofessionals. Ook zorgen we ervoor dat medewerkers wiens werk wordt overgenomen door een ander bedrijf, tegen tenminste dezelfde voorwaarden in dienst kunnen treden van het nieuwe bedrijf (‘overgang van onderneming’).

Goede en vertrouwde zorg

Vertrouwen en continuïteit zijn belangrijk voor goede zorgverlening en welzijnswerk. Liefdevolle zorg zit onder andere in een goede relatie met zorg- en hulpverleners. Vaste gezichten en mensen met een groot netwerk in de wijk zijn goud waard. Daarom zijn we geen voorstander van aanbestedingen. Het brengt onzekerheid en/of verslechtering voor inwoners, medewerkers en sociale organisaties. Het verwoest vaak bestaande en goed werkende structuren en professionele relaties in de stad en wijk. En het ingewikkelde proces kost organisaties en gemeente onnodig veel tijd en daarmee geld. Veelal zijn er goede alternatieven voor handen.

Dit gaan we doen:

  • We stoppen, indien mogelijk, met aanbestedingen in het sociaal domein. We werken zoveel mogelijk met langdurige contracten. Zo kunnen zorgaanbieders ook plannen voor de lange termijn maken.   
  • Verandering en verbetering in de zorg brengen we tot stand in een goede en meerjarige (subsidie)relatie tussen de gemeente als opdrachtgever, de inwoners als gebruiker en de sociale organisatie en de werkers in de zorg als uitvoerders. Ook visitatiecommissies helpen hierbij.
  • Het kan kwetsbare Utrechters helpen als ze worden ondersteund door een ervaringsdeskundige. We stimuleren dat elke zorgaanbieder waarmee de gemeente een contractuele relatie heeft, ervaringsdeskundigen aanneemt.

Huishoudelijk hulp

Voor alle Utrechters die hierop zijn aangewezen, is er goede, professionele en toegankelijke huishoudelijke hulp, verzorgd door zoveel mogelijk vertrouwde gezichten.

Dit gaan we doen:

  • Voor huishoudelijke hulp geldt altijd maatwerk: samen met mensen thuis wordt beoordeeld welke hulp nodig is en voor hoe lang.
  • Tarieven zijn fair en kostendekkend, zodat werkenden in de sector fatsoenlijk betaald kunnen krijgen.
  • Utrechters die huishoudelijke hulp ontvangen en daartoe in staat zijn betalen een eigen bijdrage, volgens het principe: ‘de sterkste schouders dragen de zwaarste lasten’.   
  • Bij het Rijk blijven we aandringen op het afschaffen van het abonnementstarief. Zolang dit niet geregeld is, kijken we of we lokaal kunnen werken met een inkomensafhankelijke bijdrage.

Ouderen

Ouderen leveren een onmisbare bijdrage aan onze stad. Het aantal 65-plussers in Utrecht neemt toe. We worden steeds ouder, en blijven langer vitaal. De behoefte aan een fijne woonomgeving voor ouderen neemt toe, net als de vraag naar goede zorg dicht bij huis. Daarbij geldt uiteraard: dé oudere bestaat niet.

Dit gaan we doen:

  • Er moet één aanspreekpunt komen waar ouderen terecht kunnen met al hun vragen; van financiën tot zorg en van huisvesting tot aanschaf van hulpmiddelen. Als mensen zelf niet meer de deur uit kunnen zijn huisbezoeken de standaard. We werken hierbij samen met ouderenorganisaties, verenigd in het COSBO.
  • De communicatie vanuit de gemeente moet passend zijn bij de doelgroep en dus niet alleen digitaal.
  • Veel ouderen willen graag zo lang mogelijk thuis blijven wonen, maar er is een groot tekort aan woningen. Er moeten in Utrecht meer betaalbare levensbestendige woningen komen waarin wonen en zorg beter te combineren zijn en Utrechters een goede oude dag kunnen beleven.
  • We vergroten het aantal woon- en zorgvormen. We hebben daarbij extra aandacht voor eerste generatie oudere migranten zodat deze Utrechters van hun oude dag kunnen genieten met aandacht voor hun taal en cultuur.
  • De verhuisadviseur senioren blijft actief om de doorstroom te bevorderen.
  • Om de woonopgave voor ouderen goed in beeld te hebben maken we een ‘gebiedsatlas ouderen’. Daarin brengen we in kaart waar ouderen wonen, waar ze naartoe verhuizen, en hoeveel woningen er voor hen op wijkniveau beschikbaar zijn. Zo bepalen we wat de opgave is voor de komende tijd.
  • Kwetsbare ouderen worden nog steeds te makkelijk slachtoffer van financieel misbruik. Dit pakken we aan door voorlichting, bewustwording en de oprichting van een Lokale Alliantie waarin partners – publiek en privaat – samenwerken en elkaar weten te vinden bij een ‘niet pluis’ gevoel of spoed. De gemeente neemt het voortouw in de oprichting van de alliantie.
  • Utrecht moet een dementievriendelijke stad worden. We helpen mensen met dementie en hun mantelzorgers door de kennis over dementie te vergroten. Zo voelen zij zich gezien en gesteund.

Goede zorg voor kinderen en jongeren

De gemeente is verantwoordelijk voor goede zorg aan kinderen en jongeren en de gezinnen waarin ze opgroeien. Door onder meer tekortschietende middelen en wachtlijsten staat deze zorg ernstig onder druk. Dit is zorgwekkend omdat de zorg voor onze jeugd in het belang is van onze hele stad. Daar gaan we mee aan de slag, samen met de harde werkers in de zorg!

Dit gaan we doen:

  • Ouders weten zelf wat voor hun kind nodig en goed is. Maar opvoeden en opgroeien is niet makkelijk en hulp daarbij zou dus ook heel normaal moeten zijn. Bij die hulp moeten gezinnen uiteraard zelf de regie kunnen houden (met veiligheid als ondergrens).
  • Herstel van vertrouwen tussen inwoners en jeugdhulpverlening is broodnodig. De angst van sommige ouders dat hulpverleners kinderen uit huis plaatsen is hardnekkig en mogen we niet ontkennen. Veelal is dit gestoeld op teleurstellende ervaringen met hulp of zorg. Dit leidt ertoe dat ouders geen hulp zoeken of accepteren, waardoor problemen kunnen verergeren.
  • We sluiten aan bij de leefwereld van jongeren; ervaringsdeskundigen zijn onmisbaar. Zorgverleners moeten herkenbaar zijn voor de jeugd.
  • We organiseren ondersteuning tegen vertrouwde plekken in de wijk aan: bibliotheken, basisscholen, consultatiebureaus. Zo gebruiken we de kracht van de wijk waarin ouders, kinderen en buurtbewoners elkaar rond een plek kunnen ondersteunen waar iedereen komt.
  • Iedereen die jeugdhulp vraagt en ontvangt, krijgt één duidelijk aanspreekpunt dat samen met het gezin de regie over de hulp voert. Situaties waarbij gezinnen vele verschillende hulpverleners zien en spreken, die van elkaar niet of onvoldoende weten wat ze aan het doen zijn, moeten echt afgelopen zijn.
  • Wachtlijsten baren ons zorgen, want ze zorgen voor extra druk op gezinnen, jongeren en professionals. We investeren in het oplossen van deze wachtlijsten en in de kwaliteit van de zorg en hulp aan jongeren.
  • Ook hiervoor geldt; de sterkste schouders dragen de zwaarste lasten. Van sommige ouders kunnen we ook een eigen bijdrage voor de kosten vragen. Zo kan de aanvullende zorg (beter) worden benut voor de gezinnen die dit ook hard nodig hebben.
  • Daarnaast gaan we meer doen met preventie en vroegsignalering, met de inzet van de praktijkondersteuner huisartsenzorg in de GGZ, jeugdprofessionals bij huisartsenpraktijken en met collectieve voorzieningen in de wijk.
  • Wie met kinderen en jongeren werkt moet hun online-wereld kennen en snappen. Daar speelt een groot deel van hun sociale leven zich immers af. Online nieuwe mensen leren kennen is leuk, online flirten is onderdeel van een normale en gezonde (seksuele) ontwikkeling. Aandacht voor negatieve effecten en risico’s moet er ook zijn.

Dakloosheid

Een dak boven je hoofd is een recht, geen voorrecht. De laatste jaren is het aantal dak- en thuislozen flink toegenomen, ook in Utrecht. Dat is deels het gevolg van politieke keuzes. De PvdA vindt dat niemand in Utrecht op straat zou hoeven slapen. Iedereen verdient een veilige plek waar je je thuis voelt.   

Dit gaan we doen:

  • ‘Housing First’ wordt de norm: pas met een dak boven het hoofd vinden mensen weer rust en kunnen ze aan de slag gaan met andere problemen.
  • De gemeente investeert in voldoende faciliteiten voor dak- en thuislozen, inclusief dagbesteding en mentale (psychosociale) begeleiding. We streven naar persoonsgerichte aanpak in de daklozenopvang. Daarbij hoort ook goede begeleiding als mensen (weer) een eigen woning krijgen. De speciale bijstandsuitkering voor daklozen blijft bestaan en wordt niet verlaagd.
  • Verspreid over de hele stad bouwen we meer woningen voor beschermd wonen. Daarmee wordt de druk op de maatschappelijke opvang verlicht omdat er meer doorstroming komt. Utrechters met problemen kunnen zo ook sneller geholpen worden.
  • Er moeten genoeg plaatsen zijn in de 24 uurs-opvang. In de wintermaanden is er opvang voor iedereen die dat wil. Permanente opvang neemt veel stress bij daklozen weg en zorgt ervoor dat groepen die moeilijk bereikbaar zijn voor hulpverlening zoals arbeidsmigranten beter in beeld komen. De maandenlange noodopvang tijdens de lockdowns in coronatijd heeft laten zien dat Utrecht het kan.
  • Veel daklozen zijn arbeidsmigranten zonder werk afkomstig uit Oost-Europa. De gemeente werkt aan een gerichte aanpak voor deze groep zodat zij ook niet onnodig op straat hoeven te slapen en begeleiding en hulp krijgen bij problemen.

Drank & drugs

De PvdA vindt dat de volksgezondheid voorop staat in lokaal drugsbeleid. 10% van de inwoners van Utrecht is verslavingsgevoelig. Alcoholverslaving komt het meest voor. Daarbij sluiten we niet de ogen voor drugscriminaliteit en overlast; die pakken we aan waar nodig.   

Dit gaan we doen:

  • We zetten in op preventie en vroegsignalering als krachtig wapen tegen problematisch drank- en drugsgebruik en focussen daarbij op kwetsbare groepen zoals kinderen. Ervaringsdeskundigen helpen met voorlichting geven. Voor verslaafden is er toegankelijke hulpverlening.
  • We maken ons zorgen over excessief lachgasgebruik onder jongeren. We zetten in op het verhogen van weerbaarheid en het beter bespreekbaar maken onder jongeren. Een algeheel verbod helpt daarbij niet, omdat er minder zicht is op problematisch gebruik. Overlast door straatverkoop en excessief gebruik pakken we aan.
  • Met name de vroegsignalering van volwassenen met (alcohol)verslaving is ingewikkeld en verdient verscherpte aandacht.
  • We willen een pilot met de regulering van de productie, verkoop en het bezit van XTC en softdrugs. Zo snijden we drugscriminelen de pas af en kan de kwaliteit van drugs kan beter worden gecontroleerd. Minder repressie betekent meer (financiële) ruimte en aandacht voor preventie en zorg in problematische gevallen.

Seksuele gezondheid

Ook in Utrecht spelen er nog steeds problemen rondom seksuele gezondheid. Seksueel geweld komt nog heel veel voor, de seksuele vorming van jongeren kan beter en de toegang tot anticonceptie is voor lang niet iedereen vanzelfsprekend. We willen een aanpak die is gericht op het bevorderen van prettige, vrijwillige en veilige seks.

Dit gaan we doen:

  • Om seksueel geweld en seksuele intimidatie te voorkomen gaan we in gesprek met Utrechters om onveilige plekken in de gemeente te identificeren en passende oplossingen te bieden.
  • We zetten campagnes in om seksuele intimidatie op straat en in het uitgaansleven te verminderen.
  • In de jeugdzorg helpen we jongeren die risico lopen dader of slachtoffer te worden van seksueel grensoverschrijdend gedrag.
  • We stimuleren scholen om goede seksuele vorming te geven met aandacht voor seksuele en genderdiversiteit. We zorgen dat de GGD budget heeft om scholen hierin te ondersteunen.
  • Binnen jeugdzorg, sport en jongeren komt er meer aandacht voor seksuele vorming en seksuele gezondheid. Ook zetten we in op deskundigheidsbevordering van professionals.
  • Het programma Nu Niet Zwanger (NNZ) zetten we voort. Hierdoor krijgen vrouwen in kwetsbare posities toegang tot gratis anticonceptie en ‘counseling’.
  • Anticonceptie wordt beschikbaar via de bijzondere bijstand zonder overbodige administratieve lasten, rekening houdende met de privacy van de aanvragers.
  • Utrechters moeten zich snel en gratis kunnen laten testen op soa’s. PrEP, een medicijn dat voorkomt dat je HIV krijgt, moet beschikbaar zijn voor iedereen die dat wil.